Naar aanleiding van de reactie van Aandacht Vastgoed in de Steenwijker Courant heeft ook de advocaat van de bewoners gereageerd:

 

Aan de gebruikers van woon- en/of opslagruimte in De Vijverhof,

Hierbij willen wij, advocaten van enigen van jullie die zich verzetten tegen de op handen zijnde ontruiming, jullie informeren over jullie juridische positie. Dit naar aanleiding van de brief van AandachtVastgoed B.V. van 14 november jl. Hierin zitten volgens onze enige onjuistheden of onterechte suggesties die wij graag in een juist perspectief willen plaatsen.

Het is inderdaad zo, dat aan bepaalde gebruikersovereenkomsten minder rechten zijn verbonden dan aan huur. Ook is het zo dat in jullie contracten met zoveel woorden wordt gesteld dat deze geen huurovereenkomsten zijn en je je niet op huurbescherming kunt beroepen. Punt is echter dat de rechter zich aan deze terminologie en een dergelijke inhoud van een overeenkomst weinig gelegen laat als deze van mening is dat de overeenkomst op grond van de wet als een huurovereenkomst moet worden aangemerkt. En daarvan is sprake als je woonruimte ter beschikking wordt gesteld tegen betaling van een tegenprestatie.

Nu hebben wij vernomen dat jullie flinke maandelijkse vergoedingen betalen. Te hoog naar onze inschatting om als pure onkostenvergoeding aan te merken. In diverse vergelijkbare gevallen met gelijksoortige gebruikersvergoedingen hebben rechtbanken en gerechtshoven wel degelijk huurbescherming aangenomen, omdat de in rekening gebrachte bedragen door de leegstandsbeheerder niet als enkele onkosten konden worden verantwoord. Op voorhand schatten wij in dat Aandacht dat ook niet kan met jullie vergoedingen.
Als de rechter met ons meegaat met onze stelling dat jullie overeenkomsten geen bruikleen- maar huurovereenkomsten zijn, dan betekent dat dat jullie overeenkomsten dus ook niet zo maar opgezegd kunnen worden. In ieder geval is daarmee de grond voor een gedwongen ontruiming binnen 28 dagen na opzegging en voor 15 december a.s. echt wel van de baan.

Wij zijn nu namens enkelen van jullie bezig met procedures om zo snel mogelijk door de rechter te laten vaststellen dat er sprake is van huurcontracten en huurbescherming. Voordien vragen wij de rechter om -in afwachting daarvan- in ieder geval het opleggen van contractuele boetes wegens het niet ontruimen van de woningen te verbieden.
Dat de voortzetting van het gebruik na de opzegging van de overeenkomst en de daarin gegeven ontruimingstermijn onrechtmatig is, wordt dan ook betwist. Onder deze omstandigheden, waarbij de vraag of contracten rechtsgeldig beëindigd zijn nog onder de rechter ligt, zal geen weldenkende officier van justitie het in zijn hoofd halen aan de rechter-commissaris te vragen voor ontruiming van een woning wegens overtreding van het kraakverbod, en geen weldenkende rechtercommissaris zal zo’n machtiging afgeven. Als zich een dergelijke procedure voordoet, dan zijn wij graag bereid de desbetreffende
bewoners daarin bij te staan en hebben daarin dan het volste vertrouwen in een succesvolle afloop.

Ook als Aandacht via de civiele rechter ontruiming zal vorderen, hebben wij er vertrouwen in dat deze zal worden afgewezen omdat de rechter ons standpunt – dat er sprake is van een huurcontract en huurbescherming – zal volgen. Datzelfde geldt voor het in rekening brengen van contractuele boetes.

Natuurlijk, en dat hebben wij ook altijd aangegeven, is het zo dat wij geen garanties kunnen bieden dat de rechter ons volgt in onze vorderingen en verweren, maar gezien de jurisprudentie (in andere vergelijkbare zaken) hebben wij er vertrouwen in. Op 30 november, dus ruim voor de ontruimingsdatum, komt het kort geding voor op de rechtbank in Zwolle.

Ieder van jullie die zich op huurbescherming wenst te beroepen, is welkom zich bij ons te melden voor aansluiting bij de genoemde juridische procedures. Gelieve hierover contact op te nemen via wederzijdsehulp@bondprecairewoonvormen.nl